Er is altijd een goed gesprek aan te knopen, wanneer ik over mijn (bescheiden) moestuin begin.

Een greep uit de reacties is: ‘Wat handig, dan loop je zo de tuin in als je iets nodig hebt’, ‘Wat biologisch van je’ (echt gehoord), ‘Dat lijkt mij nou ook zo geweldig, maar ik heb geen groene vingers’ of ‘Heerlijk, met je handen in de aarde wroeten’.

Erg positief, dus. Dus waarom hebben deze mensen zelf geen stukje omgespitte, bemeste aardbodem waarbij de geur van basilicum en rozemarijn je tegemoet komt, het rood van de tomaten het water je in de mond doet lopen, en de weelderige bedden vol sla die je doen besluiten om nooit meer iets anders te eten?

Nou vooruit, mijn gedramatiseerde illustratie van moestuinieren is ietwat overdreven, maar de vraag blijft. Het antwoord is dat in de meeste gevallen mensen geen idee hebben hoe ze met een moestuin moeten beginnen.

Mocht je jezelf daar nu in herkennen, hier onder staan wat tips om je op weg te helpen.

Tip 1. Bedenk van te voren waar je wil gaan planten.

Als je weinig zon in de tuin of op je balkon hebt, is het belangrijk om te kijken waar gedurende de dag de meeste licht valt. Heb je geen directe zon, kies dan voor planten die weinig licht nodig hebben.

Dit staat bij zaden altijd op de verpakking en bij planten zit er vaak een label of sticker bij die dit aangeeft.

Tip 2. Het kan wat lastig zijn, maar probeer uit te vinden wat voor grond zich in je tuin bevindt.

* Kleigrond is plakkerig, wordt niet gauw droog en bevat veel voedsel voor je plantjes.

*Zandgrond bezit veel minder voedsel dan kleigrond en het wordt gauw droog, dat kun je verhelpen door (zelfgemaakte) compost toe te voegen.

*Veengrond bestaat uit dode plantjes. De grond is erg nat en een beetje zuur. Om hier goed op te kunnen verbouwen, kun je kalk aan de grond toevoegen.

LET WEL OP: kalk en mest mogen niet tegelijkertijd toegevoegd worden, eerst de kalk en na enkele weken de mest (kalk en compost kan wel).

Een mengsel van alledrie de grondsoorten is ideaal voor je plantjes.

> Wat voor grond heb ik?

Nodig: Jampot met deksel, bodempje grond er in en vullen met water. Deksel erop, even schudden en neerzetten. Daarna af en toe kijken. Kleigrond is heel fijn. De deeltjes blijven lang in het water zweven, en maken het water troebel. Zandgrond is veel grover. De grond zakt snel naar de bodem. Veengrond ziet er bruinig uit en blijft grotendeels drijven. Waar lijkt jouw pot het meest op? Lijkt het overal een beetje op, dan heb je een mengsel van grondsoorten.

Tip 3. Wat een veel voorkomende beginnersfout is (ik heb hem zelf ook gemaakt), is dat je teveel op een te kleine plek zaait/plant. De plant moet voldoende ruimte hebben om te groeien, maar ook de wortels hebben die ruimte nodig. Ook loop je kans dat de voeding in de bodem niet voldoende is voor zoveel planten ineens.

Tip 4. Kweek je in potten, zorg dan dat het water weg kan. Anders krijgen de planten binnen no-time wortelrot en wordt de potgrond een walhalla voor rouwmuggen/sciaravliegen, waar je bijna niet vanaf komt(deze lijken op overigens erg op fruitvliegjes).

Als laatst twee tips die simpel  lijken, maar snel vergeten worden:

Tip 5. Onkruid verwijderen. Hoe vaker je het weghaalt, hoe beter je planten groeien. Dus al staan er slechts een paar, haal weg dat spul!

Tip 6. Handschoenen dragen. Even snel een geul graven, een paar stukjes onkruid wieden, je handen zullen je dankbaar zijn als je toch de moeite neemt om ze te beschermen!

Hopelijk ben je met deze tips alweer een beetje op weg naar het starten van je moestuin of heb je iets gelezen waar je toch nog iets aan hebt! Ik gooi er stiekem toch nog een laatste tuinierstip achteraan en dat is: vergeet niet te genieten!

Elvira Haberland